Advertisement

De mythe van de ‘duurzame’ datacenters

De technologie-industrie verkoopt het beeld van het “duurzame” datacenter: glanzende hallen, gevoed door wind en zon, waar efficiënte koeling elk kilowattuur heroïsch maakt. Het klinkt geruststellend, maar het is vooral marketing. Efficiëntie is niet hetzelfde als duurzaamheid, en wie de cijfers ontrafelt, ziet een eenvoudige realiteit: absolute consumptie blijft stijgen, aangewakkerd door AI, streaming en cryptowerkbelasting.

Efficiëntie is niet hetzelfde als duurzaamheid

Providers schermen met lage PUE-waardes (Power Usage Effectiveness) alsof die een morele vrijbrief zijn. Een PUE van 1,1 zegt vooral dat weinig energie naar koeling gaat; het zegt niets over de totale vraag die het datacenter op het net zet. Intussen groeit de rekenvraag sneller dan de efficiëntiewinst. Het resultaat is een grotere absolute voetafdruk, zelfs wanneer de per-rack-wattage “groener” oogt.

De Jevons-paradox in de cloud

Elke sprong in efficiëntie maakt capaciteit goedkoper en lokt meer gebruik uit. Goedkopere inferentie? Dan draaien organisaties meer modellen, vaker, met hogere latency-eisen. Goedkopere storage? Dan bewaren we alles, voor altijd. De Jevons-paradox zorgt ervoor dat de energiebesparing per unit ruimschoots wordt opgeslokt door volumegroei. Wie dat negeert, verwart relatieve met absolute winst.

Lokale baten, globale lasten

Het label “groene stroom” berust vaak op certificaten en PPA’s die plaats en tijd abstract maken. Overdag gesaldeerde wind kilowatturen compenseren geen nachtelijke pieken of wintertekorten. Elke gigawatt voor hyperscale drukt andere verbruikers uit het net of dwingt tot gas- en kolenreserve. De uitstoot verschuift; hij verdwijnt niet. En waar waterkoeling wordt ingezet, daalt het verbruik op de balans, maar stijgt de druk op lokale watervoorraden.

Warmte en water: het halve verhaal

Restwarmtebenutting klinkt elegant, maar het betreft lage-temperatuurwarmte met seizoens- en vraagmismatch. Zonder robuuste, continue afnemers worden leidingen dure decoratie. Watergebruik wordt steevast gerationaliseerd per MWh, terwijl absolute volumes oplopen tot duizenden kubieke meters per dag. Dat is geen optimalisatieprobleem; dat is een schaarstevraagstuk.

Wat wél telt

Wie duurzaamheid serieus neemt, stuurt op absolute grenzen en eerlijke prijzen. Dat betekent: energieplafonds per campus, tijd- en locatiespecifieke emissie-intensiteit, prioritering van maatschappelijke diensten boven energie-intensieve speculatie, en vergunningen gekoppeld aan netverzwaring op kosten van de operator. Transparantie moet real-time zijn, publiek en verifieerbaar.

Meet wat ertoe doet

Stuur op kWh per transactie in plaats van PUE-retoriek. Rapporteer 24/7 CO2-intensiteit met fysiek gematchte opwek, water per MWh in absolute volumes, piekvermogen in MW, en de systeemkosten die aan de samenleving worden doorgegeven. Pas dan ontstaat een prikkel om belasting te verschuiven, rekenwerk te beperken en software zuiniger te ontwerpen. Duurzaamheid is geen esthetiek van LED-verlichte hallen; het is de discipline om minder te vragen waar dat kan, trager te gaan waar dat mag, en eerlijk te betalen voor wat werkelijk schaars is.